Gierewaaien

Het pijpesteelt het hondeweert ‘t guurt, ‘t draait, het gierewaait Binnen, buiten, vrolijke buien ‘t Is altijd pret wanneer het winterweert

Later

Later als ik groot ben neem ik grijze lokken in lange, mooie krullen. Niet van die korte pieken of een keurig watergolfje. En als rimpels neem ik kraaienpootjes zo vrolijk rond mijn ogen. Wallen neem ik niet en ook geen zure blik. Later als ik groot ben neem ik een wandelstok. Zo één waar je […]

Kort maar prachtig

Ik ken haar louter in mijn armen. Op de golven van haar lach mocht ik haar beminnen. Als zuiver water, meel en gist verrezen wij tussen witte lakens. Haar huid, zo zacht als rijzend deeg waarin ik mijn vingers liet zinken. Haar lichaam, onder heimelijk gezucht verheffend. Zachtjes klagend, ietwat bevend. De zoete geur van […]

Liefste

En het liefst zou ik helemaal niets zeggen en alleen maar naar je lachen Om wat was Om wat wij en het maakt me nog steeds een beetje blij

Verboden vrucht

Ik was een verboden vrucht al zwemmend in haar schoot en aan lieve kind’ren had zij al een broertje dood Van negen maanden ballingschap naar zestien lange jaren Ik zwom, ik vocht en incasseerde en niemand die ‘t wat interesseerde Ik was een verboden vrucht al zwemmend in haar schoot En alles wat zij wenste […]

Vuur

En ik draai en ik draai gure wind langs buitenmuren wilde storm vanbinnen Waar ben jij? Waar ben ik? En oh, wat zinderen mijn zinnen. Linkeroor, rechteroor, dansende donzen veren Heftige dromen in mijn kussen Al sta ik nakend in de strengste winter mijn vuur voor jou valt niet te blussen

Heel even

Heel even kwam ik je tegen ‘t was koud en we liepen door de regen Jij vooruit en ik terug Heel even kwam ik je tegen ‘t was koud en we liepen door de regen Jij vooruit en het was heel vlug maar samen keken we terug

Soul tetris

Stapel, stapel, stapels vormen. Van Florentijnse boog tot eenvoudige cilinder. Kegel, kubus, kapiteel in helderblauw, rood, groen of geel. Verwante zielen kunnen binnenstormen, klikken, passen, sluiten, haken, op elkander vallen als een blok. Natuurlijke verbintenis als ware soul tetris wanneer harten elkaar raken.

Blik

Stukje donker stukje licht Ik zwierf tussen niet te lijmen scherven en toch, gedoofde vreugde kende ik niet. Stukje donker stukje licht De angst verjagend met de breedste glimlach. Het verstikkende verdriet in een struik gehangen Stukje donker stukje licht En mijn blik voluit op leven gericht